Van Roy / P-magazine

Titel artikel: Rechter veegt klacht van Frank tegen Mediageuzen van tafel: hij krijgt nu rekening van 10.000€. 

Samenvatting uitspraak: Klager meent dat het betwiste artikel niet waarheidsgetrouw over zijn persoon bericht, terwijl P-magazine dat kadert binnen de opiniërende stijl van het magazine. Het maakt daarbij echter geen duidelijk onderscheid tussen feiten en beweringen of opinies. Dat strookt niet met artikel 4 van de Code van de Raad.
De foto van klager die bij het artikel gepubliceerd is, is gemaakt in de gangen van het gerechtsgebouw door de bestuurder van het moederbedrijf boven P-magazine, tevens de tegenpartij van klager in een gerechtelijke procedure. De meningen lopen uiteen over het feit of klager op het moment zelf instemde met het maken van de foto, maar klager heeft daarna, nog ruim voor publicatie, via mail gevraagd om de foto’s te verwijderen en ze dus niet te publiceren. Klager is geen publiek figuur en de berichtgeving gaat over een onderling geschil tussen partijen. Binnen die context toont P-magazine geen maatschappelijk belang aan dat zou rechtvaardigen om de foto van klager te publiceren. Dat is een inbreuk op artikel 23 van de Code. 
De Raad kan niet uitmaken of de redactie van P-magazine zelfstandig kon beslissen over de publicatie van dit verhaal, of dat de publicatie gebeurde in opdracht van Maurice De Velder als bestuurder bij het moederbedrijf boven P-magazine die zo druk wou zetten op een schuldeiser in de context van hun onderling geschil. De publicatie wekt minstens de schijn van belangenvermenging, net als het feit dat De Velder in de rechtbank zelf foto’s van tegenpartijen maakt voor publicatie. De Raad kan zich niet uitspreken of hier effectief sprake is van belangenvermenging, maar de redactie had minstens transparant moeten communiceren over de betrokkenheid van een bestuurder van P-magazine in het juridische geschil waarover het magazine schrijft, zoals bepaald in artikel 12 van de Code. 
 

2026-26

Lees de uitspraak [pdf]